Een imker liet het bijenvolk zien. (Foto: Marsja Haanstra)
Een imker liet het bijenvolk zien. (Foto: Marsja Haanstra) (Foto: )

Montessorischool De Vleugel zoekt naar vergeten groentes

“Ik heb nog nooit een wortel op” zegt Benjamin. “Ik was er vroeger allergisch voor, maar nu niet meer,” en hij steekt de wortel in zijn mond.

NIEUWEGEIN - En zo wordt er meer geproefd, van komkommers tot radijsjes en frambozen. Allemaal net geoogst uit eigen tuin. Groep 5 en 6 van Montessorischool De Vleugel bezoekt Amateurstuindersvereniging Galecop. De kinderen worden rondgeleid door één van de ouders die daar al jaren tuiniert. Ze kwam op het idee door het enthousiasme van haar dochter’s vriendin voor haar tuin.

“Ze eet bij mij zelfs broccoli, wat ze thuis niet lust. Het is zo leuk om die meiden bezig te zien. Ik wil graag laten zien hoe groentes er echt uitzien. Groente groeit niet verpakt in de supermarkt.” De groep is vol aandacht. Dochter Danijela vertelt haar klasgenootjes over haar eigen stukje volkstuin. Welke groentes ze samen kweken en hoe ze met eierschalen de slakken uit het tuintje houdt. 

De kinderen bekijken daarna samen de gewassen, die door de overvloedige regen van de afgelopen tijd flink gegroeid zijn. Bij pastinaak en boterbonen gaan de wenkbrauwen omhoog. Het zijn dan ook niet voor niks vergeten groentes. Het verschil tussen doperwtjes, peultjes en bonen blijkt ook best moeilijk te zien. De planten zijn duidelijk familie en lijken erg op elkaar. Wat er nog in de eigen schooltuin bij zou kunnen? “Radijsjes! Worteltjes!” 

Naast de schooltuin verzorgen de kinderen op school een eigen plantje, gelijk vanaf groep 1. Tijdens de lessen ziet het helemaal groen op de vensterbanken van De Vleugel. Voor ze naar huis gaan zetten alle leerlingen hun eigen plantje op een kleedje op hun tafel. Zo leren ze om zelf ergens voor te zorgen. 

Imker Bert laat de kinderen zien waar de honing vandaan komt. Vol enthousiasme vertelt hij over de bijen. Dat bijen belangrijk voor ons voedsel zijn weten de kinderen al. Maar ze zijn zichtbaar onder de indruk als ze horen dat het bijenvolk wel 50.000 km moet vliegen voor één potje honing. “Dat is meer dan één keer om de aarde vliegen!” Dan kijk je toch wel met andere ogen naar je boterham met honing. Bert heeft een bijenkast meegenomen, zodat de kinderen kunnen zien hoe de bijen zich in de kast bewegen. Ze zitten er met hun neus bovenop terwijl Bert vertelt over het bijenvolk. “De mannetjes bijen voeren niet zoveel uit”, zegt Annouschka. “De vrouwtjes doen al het werk voor de bijenkoningin”. Tijd om hier verder over na te praten is er niet. De brug staat open en op het plein staan de ouders klaar om hun kroost mee te nemen.

Meer berichten

Het lokale nieuws in uw mailbox ontvangen?

Aanmelden