De tentoonstelling in het Stadshuis.
De tentoonstelling in het Stadshuis. Foto: Louise Mastenbroek

‘We zien niet hoe bijzonder deze gebouwen zijn’

Nieuwegein - Tot en met 19 februari is in het Stadshuis de reizende tentoonstelling ‘De jongste rijksmonumenten van Nederland’ te zien. De expositie belicht architectuur uit de Post 65-periode (1965-1990). In 2025 droeg de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed vijftien locaties uit deze periode voor als rijksmonument, waaronder de Emmauskerk.

Wie bij het woord rijksmonument denkt aan middeleeuwse gebouwen, statige grachtenpanden of eeuwenoude forten, moet dat beeld bijstellen. Dit zijn gebouwen waar velen dagelijks langs lopen, zonder ze als erfgoed te herkennen. Weliswaar jong, maar toch zijn ze volgens de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE) van grote cultuurhistorische waarde. Waarom zijn ze zo belangrijk? Wij spraken erover met kunsthistorica Grieta Felix. “De architectuur was in die tijd heel vernieuwend en gedurfd. Maar wij zijn ermee opgegroeid. Daardoor zien we niet hoe bijzonder die gebouwen zijn.”

Architectuur in tijden van verandering

De jaren zestig vormden een periode van ingrijpende maatschappelijke veranderingen. Traditionele gezagsstructuren kwamen onder druk te staan, vrouwen kregen een sterkere positie en jongeren lieten zich horen in grootschalige protesten. Felix: “Al die veranderingen vroegen om een andere architectuur. Die moest aansluiten bij de wensen en idealen van moderne opdrachtgevers en gebruikers.” Functionaliteit, flexibiliteit en collectief gebruik kwamen centraal te staan. Architectuur werd minder hiërarchisch, opener en experimenteler.

Nieuwe rol voor de kerk

Ook kerken verloren in deze periode hun vanzelfsprekende centrale plek in de samenleving. En dat is terug te zien in de gebouwen. Ze werden aan de buitenkant minder herkenbaar als kerk en meer toegankelijk en verwelkomend. Nieuwegein, als groeikern in de jaren zestig, is een goed voorbeeld. Nieuwe voorzieningen waren nodig, waaronder een kerk in het centrum.

De Emmauskerk werd ontworpen door architect Ton Albers en beeldend kunstenaar Arnold Hamelberg. De opdracht werd gegeven vanuit een vernieuwend perspectief. Het gebouw weerspiegelt de idealen van democratisering en vernieuwing die kenmerkend waren voor de jaren zeventig. “De architect zag het als taak om eerst te begrijpen wat de mensen wilden. Het was een veel democratischer proces”, vertelt Felix. “Het ging niet alleen om de ruimtes, maar ook om de beleving. Het moest multifunctioneel worden. Dat vroeg om een heel andere manier van ontwerpen. De kerk valt ook niet op, die moest onderdeel vormen van de maatschappij.”

‘Veel van die gebouwen werden ingrijpend verbouwd of zelfs gesloopt. Men zag de waarde niet’

Bedreigd erfgoed

Juist die vernieuwende aanpak maakt het gebouw volgens de RCE monumentwaardig. Toch is erkenning lang niet vanzelfsprekend. Het kost soms tijd om de betekenis, en wellicht de schoonheid, ervan in te zien. Felix citeert een minister die ooit zei: ‘Bredere waardering komt vaak pas later. Nu beschermen is echter noodzakelijk.’ “Dat is precies wat er aan de hand is. We ervaren het niet zo. Veel van die gebouwen werden ingrijpend verbouwd of zelfs gesloopt. Men zag de waarde niet. Ik denk aan de Zwolsche Algemeene, dat was zo’n bijzonder gebouw. Beeldbepalend door de vorm, de glazen wanden. Het was ook multifunctioneel. Dat gebouw had naar mijn mening nooit gesloopt mogen worden.”

‘Veel van die gebouwen werden ingrijpend verbouwd of zelfs gesloopt. Men zag de waarde niet’

Met de nieuwe rijksmonumentenstatus wil de RCE dit type erfgoed beter beschermen. De vijftien voorgedragen gebouwen zijn zeer divers en liggen verspreid over het hele land. Van een moskee tot een hightech station tot een drempelloze evenementenhal, van Terneuzen in het zuidwesten tot aan de Eemsmond in het noordoosten.

Jong erfgoed in beeld

De tentoonstelling in het Stadshuis brengt dit jonge erfgoed tot leven met maquettes, video en tekst. Bezoekers krijgen inzicht in de ideeën achter de ontwerpen en in de maatschappelijk context waarin ze stonden. Wie het verhaal erachter kent, kijkt er heel anders naar.