
Irina A. Bakker reconstrueert het oorlogsverleden van haar familie in debuutroman
Nieuws 255 keer gelezenNieuwegein - Met haar onlangs verschenen boek Dromenjagers heeft Irina A. Bakker een indringende debuutroman afgeleverd. Het is niet alleen een eerbetoon aan haar familie, maar ook een zoektocht naar een verleden waarover altijd werd gezwegen. Bakker reconstrueert het leven van haar opa, oom en haar ouders in de Tweede Wereldoorlog.
“Aanvankelijk was het plan een eenvoudig vertelverhaal, maar daar kon ik me niet toe beperken. Het verhaal werd steeds groter”, vertelt Bakker. Ze schreef jarenlang sprookjes op maat en zo begon ze ook voor dit boek met een sprookje, waarin ze verbeeldde hoe het haar familie in de oorlogsjaren verging. “Allemaal metaforen. Vandaaruit kon ik verder werken.”
Een verhaal dat steeds groter werd
Bakker begon haar onderzoek in 2015. Ze besefte dat ze nauwelijks iets wist van de familiegeschiedenis. “Toen mijn moeder later wel eens iets vertelde, was ik aan het puberen of zat ik in de kleine kinderen. Het boeide me niet zo erg. Pas toen ik niets meer kon vragen ging het me boeien.” Haar zoektocht leidde naar archieven, gesprekken met familieleden en onverwachte ontmoetingen met mensen die haar grootvader en oom nog gekend hebben. Toch bleven er veel gaten. “Er waren zoveel witte plekken in de puzzel. Die ben ik gaan opvullen vanuit mijn eigen fantasie. Ik kon er helemaal op losgaan”, lacht ze. Zo ontstond een werk dat laveert tussen feiten en verbeelding: fictie die geworteld is in echte gebeurtenissen.
Vergeten geschiedenis: Kamp Neuengamme
Bakker wist dat haar grootvader en oom om politieke redenen in Kamp Neuengamme terecht waren gekomen. “Dat was gewoon een naam, dat zei me niets.” Een naam die bij weinigen een belletje laat rinkelen. Dat bleek ook tijdens een schrijfretraite in 2023. Toen Bakker zich hardop afvroeg wie haar boek in vredesnaam zou willen kopen, reageerden mededeelnemers verbaasd: niemand kende het kamp. Maar het verhaal moest zeker verteld worden.
Neuengamme was een concentratiekamp waar 55.000 mensen het leven lieten. Het bezoek dat Bakker zelf bracht aan het voormalige kamp liet diepe indruk achter. “De barakken uit die tijd zijn niet meer fysiek aanwezig. Maar je zag wel de vlakken waar ze gestaan hebben, vlakbij de appèlplaats. Ik stond daar, keek uit over de landerijen en kreeg het ijskoud, ondanks mijn windjack. De wind blies er dwars door heen. Ik vroeg me af hoe dat voor die mensen geweest moet zijn, als ze daar urenlang moesten staan. Ik heb daar heel wat tranen gelaten. Mijn opa en oom zijn nooit teruggekomen van de oorlog. Later was ik in Kamp Amersfoort. Precies hetzelfde. Het waren geen plezierreisjes.”
Liefde in oorlogsjaren
De moeder van Bakker kwam uit Rusland, zij werd als krijgsgevangene tijdens de oorlog naar Duitsland gebracht. “Daar leerde ze mijn vader kennen. Hij stond op dezelfde lijst als mijn grootvader en oom om opgepakt te worden, maar werd gewaarschuwd door een goede politieagent.” Door zich vrijwillig te melden voor de Arbeitseinsatz -paradoxaal genoeg - overleefde hij de oorlog. Na de bevrijding trok het stel via Frankrijk naar Nederland. Ze moesten snel trouwen, omdat haar moeder vanwege haar Russische nationaliteit anders terug moest naar haar geboorteland.
Schrijven als ontmoeting
Hoewel de waarheid soms ongrijpbaar bleef, bracht het schrijfproces Bakker dichter bij haar familie dan ooit. “Als kind benijdde ik andere kinderen die een grootvader en grootmoeder hadden. Ik had ze niet. Van moeders kant zaten ze in Rusland, van vaders kant waren ze allebei overleden. Door het schrijven en invullen heb ik het gevoel dat ik ze gekend heb. Of het waar is, weet ik niet. Maar voor mij voelt het zo.”
Een waarschuwing voor nu
Terwijl Bakker haar familieverleden blootlegde, drong zich een parallel op tussen de huidige tijd en de tijd voor de oorlog. “Net als toen worden ook nu groepen mensen met de nek aangekeken.” Polarisatie, machtsmisbruik, uitsluiting, echo’s die te duidelijk zijn om te negeren. “Daarom zit in mijn boek ook een waarschuwing. Via metaforen in een sprookje.” Hoe kan het ook anders?
Louise Mastenbroek




















